freediscovery

6 vragen aan…

Bernard KatzyBernard Katzy

Bernhard Katzy, hoogleraar Technologie en Innovatiemanagement aan de Universiteit Leiden, partner Free Discovery

Nieuwe ontwikkelingen in de techniek een praktische invulling geven. Daar weet Bernhard Katzy alles van. Leiden heeft volgens de hoogleraar potentie om uit te groeien tot Silicon Valley aan de Rijn.

Wat heb jij met innovatie?


“Ik ben in München al twintig jaar bezig met projecten om nieuwe ontwikkelingen in de techniek een praktische invulling te geven. Sinds een paar jaar ook als hoogleraar aan de Universiteit Leiden, die ik vertegenwoordig in de stuurgroep van Free Discovery. Als Leids hoogleraar stimuleer ik het groeiende innovatienetwerk in de regio. De EU heeft het economische belang van dat ‘living lab’ erkend en steunt het met subsidie.”

Wat is precies het Living Lab?


“De term ‘living lab’ komt uit Finland, waar Nokia nieuwe mobieltjes laat uittesten door de bewoners van een bepaalde wijk. Echt een levend laboratorium dus. De EU zag wel wat in dit idee en ging op zoek naar vergelijkbare projecten in Europa om die te ondersteunen. Zo kwamen ze uit bij ons groeiende netwerk in de regio Leiden. Dankzij die subsidie kunnen we het netwerk nog verder uitbreiden: er zijn contacten met de TU in Delft, en vooral ook met het ESA in Noordwijk. Zij hebben de kennis van het Europese GPS-systeem Galileo. In combinatie met het Leidse draadloze netwerk geeft dat grote mogelijkheden voor de zogenoemde ‘location based services’. Goede voorbeelden zijn de projecten om toeristische informatie via PDA’s voor bezoekers van Leiden of de Keukenhof beschikbaar te maken.”

Wat is het belang van samenwerking tussen hogeschool en universiteit?


“Je ziet in de regio steeds meer een klimaat ontstaan waarin allerlei partijen samenwerken op het gebied van innovatie: ontwikkelaars van kennis, zoals het onderwijs, maar ook de gebruikers van technologie in het bedrijfsleven, de zorg, de cultuur, enzovoorts. Hoe beter we elkaar kennen, hoe soepeler dit netwerk kan functioneren.”

Welke mogelijkheden zie je voor Leiden als innovatiecentrum?


“Ik verwacht veel van de clustering van kennis en ondernemingszin in het Bio Science Park. De ‘location based services’ zijn een tweede poot waarop de ontwikkeling kan staan. De situatie hier is nu vergelijkbaar met de beginperiode van Silicon Valley, München en ander innovatiecentra: langzaam vervagen de grenzen tussen onderwijs en bedrijfsleven, er komt ruimte voor mensen met ideeën om kennis te ontwikkelen en die om te zetten in rendabele ondernemingen.”

Kan dit allemaal ook zonder subsidies?


“Uiteindelijk wel, dat is elders al bewezen. Maar je moet ergens beginnen. Ook in München speelden subsidies de eerste jaren een grote rol, maar inmiddels zijn daar vele bedrijven en bedrijfjes ontstaan. Samen leveren die een belangrijke bijdrage aan de economie en de werkgelegenheid.”

Zijn er al zichtbare resultaten van het regionale netwerk?


“De eerste nieuwe bedrijven zijn al ontstaan en via initiatieven als Free Discovery zullen er nog veel volgen. Verder heeft het bedrijfsleven goed door dat hier iets gaande is: we krijgen veel aanvragen en suggesties, en zelfs internationals als Siemens komen kijken of ze niet kunnen meedoen aan wat zich in deze regio afspeelt.”